Het geheim van de succesvolle onderwijsprofessional

Intern begeleider

Succesvolle onderwijsprofessionals, om mij heen ontmoet ik geweldige mensen die op een of andere manier succesvol zijn in het onderwijs. Leraren die alle leerlingen elke dag weer weten te boeien en tot leren kunnen brengen. Experts die met hun opleiding en onderzoekende houding op hun eigen school innovatie op gang brengen. Directeuren die zichzelf en de organisatie kritisch onder de loep durven nemen,  maatregelen nemen om het tij op hun school te keren om voorbereid te zijn op de toekomst. Deze mensen hebben zich ontwikkeld als professional en vallen op in de manier waarop ze in hun werk staan en dingen doen. Wat is het geheim van hun succes? Wat is het geheim van het succes van de leraar, directeur of intern begeleider?

In gesprek met: Marianne Heezen, intern begeleider

Intern begeleider

Een paar maanden geleden zocht ik Marianne Heezen, intern begeleider op de Pieter de Jongschool in Arnhem, op om samen met haar nog eens terug te blikken op 3 jaar invoering van 1-zorgroute. Een boeiend en complex verandertraject, waarin we samen een manier hebben gezocht om het hele team in het handelingsgericht denken en handelen mee te nemen. Marianne nam hierbij haar verantwoordelijkheid en had op de wijze waarop ze haar verantwoordelijkheid nam, invloed op het veranderingsproces. Ze benutte daarbij haar kracht: de relatie aangaan. Ze zocht voortdurend de dialoog op met haar collega’s. Wat hebben jullie nodig om een volgende stap te zetten? Daarmee leerde ze haar collega’s goed kennen en kon zij inspelen op hun ontwikkelbehoeften. Ik herinner me daarbij o.a. het gesprek met de leerkracht van groep 3, waarin ze de leerkracht bevestigt in haar kwaliteiten maar ook uitnodigt om haar handelingsrepertoire uit te bouwen. Ze verdiepte zich in de onderbouw en de manier waarop de leerkracht intensief de kinderen in hun ontwikkeling volgden. Met haar waardering hiervoor kon zij de onderbouw een positie geven in de school. Mooi ook om te zien hoe haar houding in de 1-zorgroute was veranderd: van terughoudend, naar onderzoekend en ‘schouders eronder’, naar voldaan terugkijkend en met vertrouwen de toekomst tegemoet zien. Marianne heeft bij mij de indruk achtergelaten van een succesvolle intern begeleider. Zij heeft haar talenten als intern begeleider in deze context volledig benut. Het lijkt er op dat haar succes  ‘m niet alleen zit in de dingen die ze goed gedaan heeft, maar ook in de manier waarop zij de dingen heeft gedaan en de overtuigingen die ze hierbij heeft. Zelf zegt ze er het volgende op:

Marianne Heeze: “Mijn sleutel tot succes is denk ik dat ik mij continue bewust probeer te zijn dat we niet alleen differentiëren met leerlingen, maar ook met collega’s. Niet iedereen is hetzelfde, weet evenveel en handelt op dezelfde manier. Wat past bij wie? Wie heeft welke mogelijkheden? Wat kan en mag ik verwachten van de ander en wat kan en mag de ander verwachten van mij? Kortom: handelen en begeleiden vanuit respect van de mens achter de leerkracht.”

Succesvol doen en succesvol zijn

Het verhaal van Marianne roept bij mij vragen op. Wat is goed functioneren eigenlijk? Gaat het om succesvol doen of succesvol zijn, of allebei? Op zoek naar antwoorden kwam ik een twitterbericht tegen van De Baak, waarin Guus Brackel duidelijk maakt dat er een verschil is tussen goed doen en goed zijn. Een interessante invalshoek. Je kunt bijvoorbeeld: aandacht doen, maar ook aandachtig zijn. Het eerste is sterk geboden aan normen en verwachtingen van de ander of de gemeenschap. Een voorbeeld is: afspraken nakomen, dat kun je waarnemen. Het is specifiek en waarneembaar. Je kunt het verifieren en uitleggen wat het wel en niet is. Het andere, goed zijn, is een zijnskwaliteit. Dit zegt iets over de waarden die een mens wil uitdragen.  Vertrouwen, daadkracht, zelfstandigheid, integriteit. Deze laten zich niet meten, ze zijn niet rechtstreeks zichtbaar in gedrag. Je kunt ze wel voorleven, ervaren. Het ontwikkelen van je zijnskwaliteit is iets anders dan professionele ontwikkeling. Het is een levenskunst, een vermogen om creatief met je functioneren om te gaan. Het gaat om vitaliteit, speelsheid en onbevangenheid, elementen die nodig zijn om je duurzaam te ontwikkelen.

Kortom:

  • Succes 1.0 = concreet succesvol gedrag
  • Succes 2.0 = speels en onbevangen met je professionaliteit omgaan.

driehoekSuccesvol zijn is dus meer dan wat je doet. Net zoals ik constateerde n.a.v. mijn gesprek met Marianne. Guus Brackel gaat uit van het één (succes is gedrag) of het ander (succes is zijnskwaliteit). Volgens mij kun je gedrag niet los zien van waarden, en is succes zowel gedrag als een zijnskwaliteit. Succesvol gedrag komt voort uit bepaalde overtuigingen, ideeën over wat voor professional,  iemand je wil zijn (identiteit) die handelt vanuit een hoger gelegen doel. Hierop doordenkend kom je uit bij de logische niveaus (zie driehoeksmodel Robert Dilts). Naarmate je gedrag in relatie tot de daarboven liggende niveaus congruenter is, kun je effectiever functioneren.

Succesvolle leraren

Hoe kunnen we deze gedachten vertalen naar leraren, de hoofdrolspelers in het onderwijs? Ik pak het boek van Hattie erbij: Leren zichtbaar maken (Bazalt, 2012). Daarin onthult hij het geheim van een succesvolle leraar. In zijn enorme onderzoek naar wat werkt op school, richt hij zich vooral op de lespraktijk. Waarin onderscheiden excellente leerkrachten zich van anderen? Wat doen zij precies om leerlingen te laten leren? Wat werkt vooral? Daarbij gaat het enerzijds om zichtbaar en specifiek onderwijsgedrag zoals: interactieve instructie, feedback en monitoring.

Daarnaast gaat het ook om de excellente leraar als bevlogen professional. Excellente leraren hebben oprecht respect voor leerlingen, zij hebben een passie voor leren en onderwijzen, kennen hun leerlingen door en door en zijn daardoor in staat pedagogisch en didactisch adequaat te reageren. Vervolgens onderscheidt Hattie 8 denkkaders, overtuigingen waarmee leraren succes kunnen maken (of breken).

  1. Wij zijn ervan overtuigd dat onze fundamentele taak is het effect van onze manier van lesgeven te evalueren aan de hand van het leren en de vorderingen van leerlingen
  2. Wij vinden dat de successen en tegenvallers bij het leren van de leerlingen voortkomen uit wat wij als leraren of leiders deden of niet deden. Wij zijn de veranderaars.
  3. Wij willen het meer hebben over het leren dan over het onderwijzen
  4. Wij zien toetsuitslagen en andere metingen als feedback over de impact die wij hebben
  5. Wij zijn vooral in dialoog, niet zozeer in monoloog
  6. Wij houden van uitdaging en geven niet op om ‘ons best te doen
  7. Wij zijn ervan overtuigd dat het onze rol is om positieve realties te ontwikkelen binnen de groep en binnen het lerarenteam
  8. Wij willen dat iedereen ingewijd is in het onderwijsjargon.

Hattie maakt hier een synthese tussen gedrag en overtuigingen, waarden. Gedrag en waarden horen bij elkaar, zij vormen samen het geheel waaruit blijkt of een leraar succesvol is of niet.

Succesvol zijn: enkele handvatten om op onderzoek te gaan

  • Terwijl ik met deze blog het geheim van het succes onderzoek, kom ik toevallig in Trouw een bijlage van Intermediair tegen: Secrets to succes (21 oktober 2014). Ik wil het jullie niet onthouden, leuk om te lezen. Een verhaal over Lodewijk Asscher, en het geheim van zijn succes als minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. Hij noemt o.a. dat hij veel kansen had gekregen van belangrijke mensen om zich heen: Job cohen, Van der Laan, Samson, Rutte. Hij is gevraagd, heeft het vertrouwen gekregen en van ze geleerd. Zijn het alleen de kansen, of is het ook de manier waarop hij deze kansen heeft aangegrepen. Hoe zit het nu precies? Dan succestips voor je carriere op een pagina. Ik noem er een paar: Het vermogen om dingen anders te bekijken (werkvloer). Inspiratie ligt op straat, zet je eigen antennes aan (netwerken)…Zouden deze tips ook voor jou werken? Met andere woorden, is er een universele succesformule?
  • Vraag in ontwikkelgesprekken met leraren door naar drijfveren. Wat wil je bereiken? Waarom wil je dat bereiken? Wat voor professional wil je zijn? Onderzoek daarbij of er sprake is van congruentie tussen het zichtbare gedrag en de daarboven liggende mentale niveaus of juist niet? Leraarassessments zijn daarbij erg waardevol.
  • Onderzoek je eigen ontwikkelgeschiedenis. Wat maakt dat je bepaalde keuzes hebt gemaakt in je werk, leven. Hoe kijk je naar de uitvoering van je werk, en hoe zien anderen dat? Welke invloed heb je op anderen? Hoe ga je om met feedback? Welke tegenslagen heb je gehad, en hoe ben je daarmee omgegaan? Als je verschillende functies hebt gehad…. zie je een rode draad? Wat zegt dit over jezelf?
  • Onderzoek je toekomst. Stel dat je over 5 jaar succesvol bent in het onderwijs. Wat doe je dan (anders)? Vanuit welke overtuigingen? Welke kansen heb je gegrepen? Welke problemen heb je opgelost?
  • Zet twee contexten waarin je je begeeft naast elkaar en onderzoek je gedrag in beide contexten. Bijvoorbeeld jezelf in het werk en thuis. Welk gedrag komt overeen en waarin doe je verschillend op het werk en thuis? Wat wil je uitdragen in je werk en privé? Welke overeenkomsten en verschillen zie je?
  • Spiegel jezelf of je organisatie aan de excellente leraar volgens Hattie. Lees hiervoor het boek: Leren zichtbaar maken of neem alleen de denkkaders door. Wat herken je bij jezelf en wat niet? Of bedenk een ander kader waar vanuit jij denkt en werkt om er het beste van te maken.

Op zoek naar jouw succesformule?

Met deze blog heb ik een tipje van de sluier van succes opgelicht. Het thema houdt me bezig….ik ben er van overtuigd dat we veel kunnen leren van succesvolle kinderen en volwassenen om ons heen, als je denkt vanuit groei en hiervoor open staat. Heb je vragen om individueel of in teamverband op zoek te gaan naar je eigen succesformule, zoek dan contact met mij op.

Het nieuwe schooljaar, hoe start jij met jouw nieuwe groep?

groepsprocessen

groepsprocessen“Zin in?” Het wordt mij deze weken regelmatig gevraagd. Heb jij weer zin om te beginnen? Een lastige vraag. Enerzijds ben ik voldaan en ontspannen na een heerlijke vakantie en voel ik enige drang om me weer nuttig te maken. Ik kijk uit naar het weerzien van collega’s en klanten en het samenwerken aan interessante projecten. Maar als ik naar mijn agenda en mailbox kijk, gaat mijn aandacht uit naar afspraken waar ik tegenop zie en voel ik de werkdruk weer opkomen. Dan denk ik, liever nu nog even niet. Hoe kan ik mijn prettige gevoel van de vakantie vasthouden in mijn werk, zodat ik kan blijven genieten? Misschien denk je net zo over de start van het schooljaar. Misschien sta je er heel anders in. Hoe je het ook wendt of keert, volgende week stromen in Zuid-Nederland de klassen weer vol met kinderen. De leerkrachten mogen ze welkom heten. Een mooi moment. Natuurlijk heb je je voorbereid op de nieuwe groep en zul je je best doen om al die kinderen hartelijk te ontvangen.  Bij de eerste ontmoeting vallen de zorgen van je af, want de kinderen slokken de eerste schooldag al je aandacht op.

Grote overgang

Zes weken vakantie en geen school. Dat is een lange tijd, waarin de kinderen letterlijk en figuurlijk doorgroeien. Een tijd van vrij zijn, samen met je ouders op pad, lekker spelen, buiten als het kan en binnen als het moet. Eindeloos gamen, film kijken of andere dingen doen waar je je in kan verliezen.  Ondertussen voortdurend in contact (gebleven) met vrienden. De laatste vakantieweek begint het bij de meeste kinderen wel te kriebelen, anders wel bij de ouders die de kinderen wijzen op het einde van het vrije leventje. Volgende week gaat de wekker weer af, ochtendrituelen in een hurry op naar school. Een nieuwe groep, een nieuwe juf/meester of mentor. Hoe zal het gaan?

Sommige kinderen brengen zichzelf alvast in de schoolsfeer door het verzamelen van hun schoolspullen, versieren van de agenda of afspraken maken met schoolvrienden. Ze kijken er naar uit om hun klasgenoten weer te zien, de nieuwe leerkracht te ontmoeten, samen gericht en gestructureerd aan de slag te gaan. Andere kinderen stellen het moment van ‘denken aan school’ uit tot de laatste dag.

Gelukkig gaan de meeste kinderen graag naar school. Maar dat geldt niet voor iedereen. Denk aan kinderen met weinig positieve sociale contacten, of pestervaringen, kinderen die niet gemotiveerd zijn in leren op school of lage verwachtingen hebben van zichzelf. Uit onderzoek van Lisette Hornstra (2013) blijkt dat jongens, kinderen uit etnische minderheden en lage sociaal-economische klasse vanaf groep 5 een minder goede werkhouding laten zien. Wellicht zien zij ook meer tegen school op. Kinderen gaan dus, net als de leerkrachten, met verschillende gevoelens en verwachtingen naar school. Het is voor hen ook weer wennen.

Groepsvorming

Omdat de kinderen elkaar lange tijd niet meer hebben gezien hebben en ondertussen veel gebeurd is, begint elk schooljaar de groepsvorming opnieuw. Hoe zorg jij als leerkracht dat de kinderen een goede start maken? Ga je strak beginnen, en laat je teugels vieren als het kan. Of neem je de tijd om te kijken wat er gebeurt, hoe de kinderen op elkaar reageren, en onderneem je actie als het nodig is? Volgens R. van Engelen (van het boekje Grip op de groep) is het belangrijk om vanaf dag 1 de regie te nemen en met de groep te werken aan een positieve band, door samen met de groep vanuit gedeelde waarden en normen, afspraken te maken over de omgang met elkaar, de werkhouding en de leerdoelen van het jaar. Zo voorkom je dat (een kleine) groep kinderen zelf het heft in handen gaat nemen.

Eigenlijk gaat het om de juiste dingen doen op het juiste moment. Interventies die passen bij de behoeften van kinderen in een bepaalde fase van de groepsvorming. In het schema hieronder zie je wat de kinderen nodig hebben van de leerkracht in de verschillende fasen van groepsvorming (Tuckman, Kees van Overveld) gedurende het schooljaar. De normingfase is hier, anders dan het natuurlijk groepsvormingsproces, voorop geplaatst om aan te geven dat de leerkracht direct de touwtjes in handen moet nemen.

Fases van de groepsvorming  Algemene onderwijsbehoeften van de groep
Forming:De kat uit de boom kijken, elkaar verkennen
  • Een leraar die leerlingen met elkaar in gesprek brengt
  • Ondersteuning bij het ontdekken van de leer- en leefomgeving
  • Een leraar die ieder kind het gevoel geeft erbij te horen
Norming:Groepsnormen bepalen
  • Een leraar die duidelijk is
  • Een leraar die de regels en gedragsverwachtingen expliceert
  • Een leer- en leefomgeving die veilig is
Storming: Wie is de baas?
  • Hulp bij het bepalen van ieders positie in de groep
  • Een leraar die aandacht besteedt aan het omgaan met conflicten
  • Activiteiten die pestgedrag voorkomen
  • Groepsgenoten die respect tonen voor elkaar, elkaars mening en karakter
Performing: De groep is gevormd, de rollen zijn verdeeld, nu nog eraan blijven werken om terugval te voorkomen.
  • Een leer- en leefklimaat waarin plezier, rust en orde het uitgangspunt zijn
  • Activiteiten die uitnodigen tot samenwerken
  • Een leraar die ieders talent tot bloei laat komen
Adjourning: Evalueren, afsluiten en vooruitkijken
  • Een leraar die leerlingen voorbereidt op het naderende afscheid
  • Een pedagogisch klimaat waarin de sfeer tot aan het eind plezierig is

Komende weken komt het er op aan. Dus, meteen aan de slag. Hierbij een paar handige tips voor in de klas:

Tips

1. Begroet de kinderen dagelijks bij de klasdeur
Dan heb je met elk kind even persoonlijk contact, je kunt zien hoe vandaag de vlag ervoor staat bij het kind en daarmee rekening houden in je les.

2. Richt samen met je kinderen de klas in
Geef de kinderen inspraak bij de inrichting van de klas en laat ze het voor een deel ook zelf doen. Maak ruimte voor het werk van de kinderen, foto’s en ander materiaal over wat hen bezig houdt op dat moment (voetbalclub, filmster), bepaal samen hoe je in groepjes zit, zorg voor een verjaardagskalender en weekoverzicht met bijzondere gebeurtenissen. Het kan nog extremer. Chantal van Ophuizen en Jeroen Smits zijn vorig jaar de uitdaging aangegaan door te starten met een lege klas. Over hun ervaringen schreef Chantal van Ophuizen vorig jaar een leuke blog op www.hetkind.org : “Vandaag mogen jullie het zeggen”.

3. Doe regelmatig een activiteit waardoor de kinderen elkaar beter leren kennen
Een concreet voorbeeld: kinderen in de kring, in tweetallen vertellen ze kort over zichzelf (belevenis n de vakantie, of wie je bent, wat je graag doet, met wie je thuis woont), vervolgens vatten de kinderen het verhaal van de ander samen aan de klas. Zo heeft iedereen tegelijk iets kunnen vertellen over zichzelf, leren de kinderen elkaar kennen, en leren ze actief te luisteren en samen te vatten. Belangrijk hierbij is dat de kinderen de eerste weken ervaren dat ze dingen gemeen hebben met elkaar. Dat versterkt het gevoel van ‘erbij horen’. Daar past ook een keer een liedje bij om lekker samen uit je dak te gaan.

4. Bepaal samen met je groep wat belangrijk is dit jaar
Maak afspraken met je groep over de omgang met elkaar. Formaliseer dit na een paar weken door samen met de kinderen bijvoorbeeld een poster te maken met de vastgestelde afspraken en laat hun handtekening daar onder zetten.

5. Geef veel complimenten
Met het geven van opstekers of complimenten over concreet gedrag maak je duidelijk wat je van de kinderen verwacht. Een ideale verhouding tussen opstekers en negatieve kritiek is 4 : 1. Vaker dan je misschien denkt. En als je ook nog meent wat je zegt, wordt je opmerking goed ontvangen. Complimenten bepalen sterk de sfeer in de groep, dat merkt elk kind.

6. Evalueer regelmatig
Met elkaar leren en leven in een groep gaat met ups an downs. Sta regelmatig stil bij de groepssfeer en het gedrag van eenieder. Wat was helpend en wat niet? Hoe doen we het de volgende keer beter, anders?

7. Maak schoolafspraken
Zorg ervoor dat je schoolafspraken maakt over jullie aanpak in de eerste weken van het schooljaar. Evalueer na 6 weken de sfeer van elke groep in het team. Onderneem zo nodig actie. Een goed voorbeeld is het Sint Jozefschool protocol 

Ik wens iedereen die met een nieuwe groep kinderen van start gaat weer veel succes. Ga ervan genieten en hopelijk zijn mijn tips zinvol voor het groepsproces.

Meer weten over groepsprocessen?

Wil je graag eens in gesprek gaan rondom groepsprocessen bij jou op school? Ik begeleid scholen op het gebied van groepsprocessen. Voor meer informatie klik hier of neem contact op met mij of laat een reactie achter hieronder.